Overgordijnen wassen: zo doe je het zonder schade

Overgordijnen wassen doe je het best op een fijnwasprogramma van 30 graden, met een kleine hoeveelheid wasmiddel. Dat geldt voor de meeste stoffen, maar het waslabel bepaalt uiteindelijk wat je mag doen. Lees dat altijd eerst, want sommige overgordijnen mogen uitsluitend worden gestoomd of chemisch gereinigd.
Controleer het waslabel voor je begint
Overgordijnen zijn er in allerlei stoffen: katoen, linnen, polyester, fluweel, velours en gemengde weefsels. Elk materiaal vraagt om een andere aanpak. Het waslabel geeft je per symbool aan wat mag en wat niet. Een kuip met een getal erin betekent dat je mag wassen op die temperatuur. Een cirkel wijst op chemisch reinigen. Een doorgekruist kuipje betekent: niet wassen.
Twijfel je? Was dan altijd op de laagst toegestane temperatuur. Dat is beter voor de kleur en de maatvastheid van de stof. Bij gordijnen van linnen of katoen loop je meer risico op krimpen dan bij polyester.
Overgordijnen wassen in de wasmachine: stap voor stap
- Haal de gordijnen van de rail. Verwijder ook ringen, clips of haken. Die kunnen de trommel beschadigen of in de stof haken.
- Controleer op vlekken. Behandel vlekken vooraf met een beetje vloeibaar wasmiddel of een vlekverwijderaar. Laat dat even intrekken.
- Vouw de gordijnen losjes op. Stop ze niet te strak in de trommel. Een te volle machine wast slechter en geeft meer kreukels.
- Kies het fijnwasprogramma op 30 graden. Dit is voor de meeste overgordijnen de veiligste keuze.
- Gebruik weinig wasmiddel. Een halve dosis is vaak genoeg. Te veel wasmiddel spoelt moeilijk uit en kan vlekken of een zeepfilm achterlaten.
- Sla de centrifuge over of zet hem laag. Krachtig centrifugeren geeft diepe kreukels die er nauwelijks meer uitkomen. Gebruik maximaal 600 toeren, bij voorkeur minder.
Wassen met de hand: wanneer en hoe
Delicate stoffen zoals fluweel of zijde was je beter met de hand. Vul een bad of grote bak met lauw water van rond de 30 graden en voeg een scheutje fijn wasmiddel toe. Dompel het gordijn onder en beweeg het zachtjes heen en weer. Wring het daarna niet uit, want dat trekt de stof scheef en geeft kreukels. Laat het water er uit lopen door het gordijn voorzichtig op te vouwen en even tegen de rand van het bad te drukken.
Drogen: het belangrijkste deel
De meeste overgordijnen kun je het best direct na het wassen terug aan de rail hangen. Zo trekken ze door hun eigen gewicht recht en hoef je ze nauwelijks te strijken. Laat ze op die manier aan de lucht drogen, bij voorkeur in een goed geventileerde ruimte of met een raam open.
Gebruik de droger alleen als het waslabel dat uitdrukkelijk toestaat. De meeste gordijnstoffen krimpen bij hoge droogtrommeltemperaturen. Als je toch de droger gebruikt, kies dan voor een lage temperatuur en haal de gordijnen er iets vochtig uit om ze nog te kunnen rechttrekken.
Strijken en kreukels verwijderen
Heb je toch kreukels? Strijk dan met een stoomstrijkijzer op de laagste stand die past bij de stof. Houd het strijkijzer bij voorkeur op een kleine afstand en gebruik stoom in plaats van direct contact, zeker bij synthetische stoffen. Fluweel en velours strijk je nooit direct: die gaan plat liggen. Gebruik daarvoor een kledingstomer of hang het gordijn in een badkamer met stoom.
Hoe vaak overgordijnen wassen?
Een tot twee keer per jaar is voor de meeste huishoudens genoeg. In een keuken of bij een roker mag het vaker. Gordijnen vangen stof, kookgeuren en sigarettenrook op, en dat is ook te merken aan de luchtkwaliteit in de kamer. Schud de gordijnen tussendoor af en toe uit of ga er met een kledingborstel over om stofophoping te verminderen.
Hang de gordijnen na het wassen goed droog op voordat je ze terugplaatst. Vochtige gordijnen die worden dichtgetrokken kunnen gaan schimmelen, zeker in een slecht geventileerde ruimte. Een kwartier extra droogtijd is altijd de moeite waard.



